GROTE FARMACEUTEN KIJKEN VAKER NAAR ARME KLANTEN

Medicijnen zonder grenzen

Grote farmaceutische concerns hebben een slechte naam. Ze zouden arme landen en patiënten stelselmatig negeren. Sinds 2003 worden hun activiteiten gemonitord door Access to Medicine Foundation in Amsterdam. Die constateert lichtpuntjes in haar nieuwe index.

Tekst: Menno Bosma Illustratie: Levi Jacobs

Trends in medicijnenland

Steeds scherpere toelatingseisen/meer research: medicijnen komen minder makkelijk op de markt (het aspirientje zou nu niet worden toegelaten)

Grotere groei van de medicijnenbehoefte in lage- en middeninkomenslanden dan in rijke landen door ‘double burden’: combinatie van tropische ziekten en welvaartsziekten

Personifiëring oftewel medicijnen op maat: kleinere groepen patiënten krijgen specifiekere (en duurdere) geneesmiddelen

Meer medicijnen tegen chronische ziekten en psychische aandoeningen

Illegale medicijnenproductie: een grotere verstrengeling van het drugs- en farmacircuit

Trucs van farmabedrijven

Een middel een heel klein beetje veranderen (van samenstelling, of wijze van toedienen) zodat ze er een nieuw patent op kunnen aanvragen

Verschillende patenten op een medicijn aanvragen als blijkt dat het verschillende ziekten kan genezen

Als een gangbaar middel ook werkzaam blijkt te zijn tegen een zeldzame ziekte dit omdopen tot een (veel lucratiever) weesgeneesmiddel

Licenties van niche-medicijnen opkopen nadat dat patent is verlopen en dan als monopolist de prijzen drastisch verhogen

Onder het mom van wetenschappelijk onderzoek artsen betalen om een bepaald medicijn veel voor te schrijven (seeding trials)

De kosten van mislukte medicijnen doorberekenen in de kosten van gepatenteerde medicijnen

Geen inzicht geven in de totstandkoming van de prijs van een medicijn

Alternatieven voor patiënten

Early access: terminale patiënten krijgen niet-geregistreerde medicijnen. Als het wordt toegestaan, is dat doorgaans incidenteel en voor kleine groepen

Magistrale bereiding: apothekers maken zelf een medicijn (na) voor een patiënt. Dat mag alleen als er geen geschikt geregistreerd geneesmiddel bestaat, doorlevering is verboden

Buitenlandroute:een medicijn op reis of via internet in een ander land kopen als het in eigen land niet of alleen tegen een hoge prijs beschikbaar is. Niet altijd legaal en niet altijd veilig.

LONGREAD 5 MIN

FARMACEUT MERCK DONEERT MILJOENEN TABLETTEN

Het gevecht tegen tropische ziektes

Ruim 200 miljoen tabletten praziquantel doneerde het Duitse farmacieconcern Merck vorig jaar aan de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Ze gingen naar mensen met schistosomiasis, ook wel bilharzia genoemd. Met 200 miljoen geïnfecteerden en 280.000 doden per jaar (vooral in Afrika) behoort bilharzia tot de ernstiger tropische ziekten. De boosdoeners zijn minuscule wormpjes in zoet water die het lichaam binnendringen, koorts en diarree veroorzaken en de organen aantasten.

Het bijzondere aan de inspanningen van Merck is dat er geen publiek-privaat partnerschap (ppp) aan te pas kwam. Voor onderzoek naar behandeling van ziekten die veel in lage- en middeninkomenslanden voorkomen, zijn ppp’s de grote aanjagers. Zonder publiek geld waagt een farmaceut zich niet snel aan het ontwikkelen van medicijnen waar hij te weinig aan verdient. ‘Andere grote aanjagers zijn dat een ziekte op een prioriteitenlijst van Policy Cures Research en de WHO staat en dat het bedrijf er expertise in heeft’, zegt Marijn Verhoef, company engagement manager van de Access to Medicine Foundation uit Amsterdam. Die houdt de werkwijze van grote farmaceuten tegen het licht. Bilharzia voldoet aan beide componenten: de WHO en in de London Declaration on Neglected Tropical Diseases richten zich op schistosomiasis, Merck heeft een halve eeuw geleden met Bayer praziquantel uitgevonden. Dat de ontdekker van schistosomiasis de Duitser Theodor Bilharz was, speelt ook mee.

Havermelk en vegetarisch eten

De inspanningen die Merck pleegt onder de slogan making schistoryzijn een lichtpuntje, al moeten we de waarde ervan niet overschatten. De 750 miljoen tabletten gratis praziquantel van het concern zijn 53 miljoen euro waard, de netto jaarwinst van Merck bedraagt ruim 2 miljard. De onafhankelijke onderzoekers van de Access to Medicine Foundation bespeuren al jaren dergelijke verbeteringen in het gedrag van de grote farmaceuten. ‘Ze doen meer aan research & development rond medicijnen tegen prioriteitsziekten dan tien jaar geleden. Ook neemt de transparantie rond patenten toe. En medicijnen tegen onder meer hiv/aids zijn veel goedkoper geworden’, constateert hoofdonderzoeker Danny Edwards. De bedrijven maken verder meer werk van toegankelijkheidsstrategieën en stemmen hun businessmodellen meer af op mensen met lagere inkomens.

Omdat ze torenhoge winsten maken, weinig transparant zijn en er dubieuze praktijken op nahouden (zie kaderTrucs van farmabedrijven), is het vertrouwen in farmaceuten laag. In een publiekspeiling uit 2013*) eindigden ze onder bierbrouwers. De pillendraaiers lijken zich dat aan te trekken. Zo openen ze hun boeken meer dan vroeger en sommige vragen zelfs spontaan aan Access to Medicine of ze gerankt mogen worden. ‘Daarbij kunnen human resource-motieven meespelen’, zegt Marijn Verhoef. ‘Ze zoeken millennials als wij, die havermelk drinken, vegetarisch eten en bij een organisatie willen werken die maatschappelijke verantwoordelijkheid neemt.’ Een andere factor is dat steeds meer investeerders maatschappelijk verantwoord ondernemen als voorwaarde hanteren. Ruim tachtig van zulke investeerders, die ruim 10 biljoen dollar vertegenwoordigen (waaronder het Nederlandse pensioenfonds PGGM) onderschrijven de principes van de Access to Medicine Index. De Access to Medicine Foundation organiseert meetings waar zulke investeerders en farmaceuten met elkaar in gesprek gaan over toegang tot medicijnen.

Double burden

Maar de nieuwe Acces to Medicine Index, die 20 november is vrijgegeven, is ook kritisch. Zo blijft de basis onder de R&D naar essentiële medicijnen voor armere landen smal. Slechts vijf grote farmaceuten, waaronder Merck, zijn daarmee op grote schaal bezig en ze richten zich hoofdzakelijk op vijf ziekten: malaria, hiv/aids, tuberculose, de ziekte van Chagas en leishmaniasis. Dit, terwijl de WHO en andere gezondheidsorganisaties 45 prioriteitsziekten hebben aangewezen. Tegen vooral in Afrika voorkomende ziektes als Riftdalkoorts en lassakoorts wordt vrijwel niets ondernomen. Opvallend is ook dat de R&D rond medicijnen tegen syfilis, een echte babykiller in lage- en middeninkomenslanden, stil lijkt te staan. In totaal beschrijft de Index voor deze prioriteitsziekten liefst 139 kloven tussen behoefte en aanbod, waarbij de bedrijven in 99 gevallen helemaal geen medicijnen of vaccins testen of ontwikkelen.

Ander slecht nieuws is dat ze te weinig doen om de toegang tot kankermedicijnen te vergroten. Kanker rukt op in lage- en middeninkomenslanden: twee derde van de wereldwijde kankersterfte vindt daar nu plaats. Het is de double burden: deze landen krijgen behalve tropische ziekten nu ook welvaartsziekten op hun bordje. Medicijnen zouden niet alleen voorradig en betaalbaar moeten zijn, maar ze moeten ook op afgelegen plekken worden geleverd. Gelukkig denken ze bij infectieziektes steeds beter na over toegankelijkheid: meer dan de helft van zulke medicijnen in R&D gaat vergezeld van een plan daartoe. Bij kankermedicijnen is dat maar 5 procent. ‘Dat komt op de agenda, maar we zien het nog niet terug in de praktijk. Daarbij kunnen we leren van de ervaringen rond infectieziekten’, zegt Marijn Verhoef.

Slecht nieuws is ook dat innovatieve nieuwe medicijnen in rijke landen vaker en eerder geregistreerd worden dan in lage- en middeninkomenslanden. Daardoor duurt het langer voor ze daar te krijgen zijn. Dat ligt ook aan die landen zelf, want die werpen meer barrières op tegen registratie en ze hebben slechtere gezondheidssystemen.

Meer licenties

Goed nieuws is er ook. Zo is bij GSK een nieuw en veelbelovend malariamedicijn ontwikkeld, tafenoquine, dat in Brazilië, Ethiopië en Thailand wordt geïntroduceerd. Uit die selectie blijkt helaas nog dat producenten hun pijlen meer richten op midden- dan op lage inkomenslanden.

Ander goed nieuws is dat patenthouders meer licenties lijken af te geven. Met name rond hiv/aids-medicijnen doet zich dat voor. Zulke medicijnen zijn daardoor goedkoper en op grotere schaal beschikbaar. Onder meer de Medicines Patent Pool, een door de VN gesteunde organisatie, ijvert hiervoor. De Access to Medicine Foundation juicht dat toe, omdat dit mensen met een smallere beurs ten goede komt. Danny Edwards plaatst wel een kanttekening: ‘Er is altijd veel aandacht en publieke funding geweest voor hiv/aids en veel concurrentie op dat vlak tussen farmaceuten. Bovendien is het een grote en stabiele markt nu hiv een chronische ziekte is geworden. Dat zijn andere omstandigheden dan bijvoorbeeld rond malaria.’

*) Het vertrouwen in de farmaceutische industrie lag volgens Edelmans Trust Barometer van 2013 lager (58%) dan dat in brouwerijen, drankproducenten en telefoonbedrijven (62%).

Dit is misschien ook interessant

This post is also available in: Engels